• Zoeken Zoeken
  • Contact Contact
  • twitter
  • linked in
  • RSS
Meer over Welzijn:

Risico Inventarisatie & Evaluatie (RI&E)

 

Uit een Werkgevers Enquête Arbeid van TNO blijkt dat slechts de helft van de Nederlandse organisaties beschikt over een deugdelijke RI&E. De reden dat veel organisaties nog niet over een deugdelijke RI&E beschikken is dat ze niet weten waar ze moeten beginnen. Voor schoolorganisaties in het primair onderwijs is er hulp. De Arbomeester is het gecertificeerde RI&E-instrument voor het primair onderwijs. Alle risico’s komen aan bod, u hoeft alleen te kijken of de risico’s ook in uw school gelden en hoe u ze gaat aanpakken.

 

 

terug naar boven Wat is een RI&E?

Uit onderzoek blijkt ook dat veel organisaties niet van het bestaan van een RI&E afweten, laat staan dat het verplicht is. Daarom leest u hier kort wat de RI&E is en wat zijn functie is. Uitgebreide informatie over de RI&E vindt u op www.rie.nl. Een RI&E bestaat eigenlijk uit twee onderdelen:

  • Een lijst met alle veiligheids- en gezondheidsrisico’s in uw organisatie.
  • Een plan voor het oplossen van die risico.

Met die twee onderdelen samen kunt u de risico’s voor uw personeel en uw organisatie terugdringen. Met behulp van de Arbomeester is dat voor een organisatie in het primair onderwijs allerminst ingewikkeld. U kunt het zeer eenvoudig zelf uitvoeren. Lees hieronder hoe.

terug naar boven Preventiemedewerker

Eén van de taken van de preventiemedewerker is het medewerking verlenen aan het uitvoeren van de RI&E. De preventiemedewerker is een werknemer die zich in de organisatie (ook) bezighoudt met de veiligheid en gezondheid op de werkvloer. In kleine organisaties is de directeur vaak preventiemedewerker. In organisaties met meer dan 25 werknemers wordt de preventiemedewerker aangewezen.

In de RI&E omschrijft u gedetailleerd alle risico’s waaraan werknemers worden blootgesteld èn de maatregelen die u neemt om deze risico’s te beperken. U kunt onmogelijk alle risico’s tegelijk aanpakken. Daarom krijgen sommige risico’s prioriteit. De risico’s die u de komende tijd daadwerkelijk aanpakt staan in het plan van aanpak. Heeft u (succesvol) een risico aangepakt, dan moet u de RI&E – en daarmee ook het plan van aanpak – weer actualiseren.

terug naar boven Hulp van personeel

Bij het uitvoeren van een goede RI&E roept u ook de hulp in van de werknemers. Personeelsleden kunnen een goede bijdrage leveren aan het uitvoeren van de RI&E. Zij hebben dagelijks met de risico’s te maken en weten wat er op de werkvloer speelt. Als u personeelsleden betrekt bij de uitvoering van de RI&E, zien zij ook eerder het belang in van goede maatregelen om risico’s te bestrijden. U voert de RI&E immers niet uit voor uzelf of de inspecteur. De RI&E is er voor de werknemers. En als u samen met hen naar oplossingen zoekt in de dagelijkse praktijk vergroot u het draagvlak en worden uw oplossingen ook eerder toegepast. Uiteindelijk is het daar allemaal om te doen.

terug naar boven Medezeggenschap

De medezeggenschapsraad is een belangrijke partij bij het uitvoeren van een RI&E. De MR heeft verschillende rechten rondom de RI&E. Dit begint bij het opstellen van de RI&E. De raad moet het eens zijn met de inhoud van de RI&E voordat u het plan van aanpak kunt opstellen. Als u het plan van aanpak eenmaal heeft opgesteld, mag de MR de inhoud van dit plan beoordelen. Dit geldt overigens ook voor eventuele wijzigingen in de RI&E en het plan van aanpak. Het is verstandig om de raad al in een vroegtijdig stadium te betrekken bij de RI&E. Dat heeft een aantal voordelen:

  • U heeft een gedeeld belang met de MR, namelijk veilige en gezonde werkomstandigheden voor de werknemers.
  • Twee weten meer dan één. De MR is er voor de werknemers en van daaruit krijgen zij vaak ook suggesties over zaken die beter geregeld kunnen worden. Daar kunt u van profiteren bij het opstellen van de RI&E.
  • Door de MR vanaf het begin bij het proces te betrekken, is de kans een stuk kleiner dat u later weer zaken moet wijzigen aan de RI&E omdat de raad het er niet mee eens is. Dat scheelt veel tijd (en dus geld).

Alle rechten van de medezeggenschapsraad staan opgesomd in de Wet Medezeggenschap op scholen (WMS).

terug naar boven Stappenplan bij de uitvoering van de RI&E

In de vorige paragraaf staat – in hoofdlijnen – wat een RI&E is. Hieronder volgen specifieke aandachtspunten bij het uitvoeren van de RI&E voor het primair onderwijs.

  1. Met welk instrument voert u een RI&E uit?
  2. Hoe stelt u de maatregelen vast bij geconstateerde problemen, de zogenaamde arbeidshygiënische strategie?
  3. Arbocatalogus PO.
  4. Toetsing van de RI&E.
  5. Kindmodule.
  6. Rol inspectie SZW.

terug naar boven Met welk instrument voert u een RI&E uit?

Om uw bestuur en school te ondersteunen bij het opstellen van de RI&E bestaat sinds 2007 de Arbomeester. De Arbomeester is het branche-erkende RI&E-instrument voor het primair onderwijs. Met behulp van Arbomeester kunt u heel eenvoudig aan de slag gaan met het inventariseren en analyseren van alle risico’s in en rond de school. Vervolgens kunt u daarop het arbobeleid afstemmen en uitvoeren.

 

Voert u een RI&E uit met de Arbomeester, dan voldoet u tevens aan de actuele arbowetgeving en de daaruit voortvloeiende arbonormen voor het primair onderwijs zoals die zijn opgenomen in de Arbocatalogus PO. U kunt gebruikmaken van de Arbomeester door middel van de unieke code die de werkgever in september 2013 heeft ontvangen.  Mocht u niet over de code beschikken dan kunt u deze alsnog opvragen via de website www.arbomeester.nl. Vervolgens kunt u binnen de Arbomeester bevoegdheden toekennen aan personen binnen de organisatie.

 

terug naar boven Hoe werkt de arbeidshygiënische strategie?

De Arbowet verlangt dat de oplossingen voor risico’s in het plan van aanpak volgens de arbeidshygiënische strategie worden aangepakt. Dit betekent dat u eerst moet kijken naar de bron van het risico. Als u daar niets aan kunt doen, kijkt u naar andere maatregelen. Dit ziet er als volgt uit.

 

  • Bronmaatregelen: U moet eerst de oorzaak van het probleem wegnemen. Voorbeeld: schadelijke stof vervangen door een veiliger alternatief.
  • Collectieve maatregelen: Als bronmaatregelen geen mogelijkheden bieden, moet u collectieve maatregelen nemen om risico’s te verminderen. Voorbeeld: het plaatsen van afscherming of een afzuiginstallatie.
  • Individuele maatregelen:  Als collectieve maatregelen niet werken of ook (nog) geen afdoende oplossing bieden, moet u individuele maatregelen nemen. Voorbeeld: het werk zo organiseren dat werknemers minder risico lopen (taakroulatie).
  • Persoonlijke beschermingsmiddelen: Als deze maatregelen geen effect hebben, moet de werkgever de werknemer gratis persoonlijke beschermingsmiddelen verstrekken. Denk hierbij aan oorbeschermers en lasbrillen.

terug naar boven Arbocatalogus PO

Om u bij de aanpak van de risico’s te helpen is de zogenaamde arbocatalogus voor het primair onderwijs ontwikkeld. De Arbocatalogus PO geeft praktische informatie over risico’s voor iedereen die werkt in het primair onderwijs. De werkgevers en de werknemers in het primair onderwijs geven in de arbocatalogus praktische oplossingen om te voldoen aan de algemene eisen uit de Arbowet. Deze oplossingen zullen niet altijd pasklaar zijn, aangezien de arbocatalogus ontwikkeld is voor alle scholen in het primair onderwijs. Maar het geeft een goed overzicht van mogelijke oplossingen voor bepaalde problemen. De arbocatalogus PO maakt deel uit van de cao voor het primair onderwijs.

terug naar boven Toetsing van een RI&E

Iedere RI&E moet worden getoetst door een gecertificeerde arbodeskundige. Dit kan door een (gecertificeerde) arbodienst of een vrijgevestigde (gecertificeerde) deskundige. Hierop geldt één uitzondering, namelijk voor werkgevers met minder dan 25 personeelsleden die gebruikmaken van de Arbomeester. Let op: het gaat hierbij om werkgevers en niet om scholen met minder dan 25 personeelsleden. Daarnaast tellen stagiairs en oproepkrachten ook bij het personeel).

terug naar boven Kindmodule

Op grond van de Wet Primair Onderwijs hebben onderwijsinstellingen een zorgplicht ten aanzien van de kinderen. Kinderen vallen buiten de werkingssfeer van de Arbowet en daarmee dus ook buiten de RI&E. Het is echter wel raadzaam om ook de (sociale) veiligheid van de kinderen bij de risico-inventarisatie te betrekken. Daarvoor is de ‘Kindmodule’ aan de Arbomeester toegevoegd. Deze module is ontwikkeld in samenwerking met VeiligheidNL (voorheen Consument & Veiligheid). VeiligheidNL adviseert om jaarlijks alle ruimtes waar de kinderen zich kunnen bevinden op veiligheid te beoordelen. Gebouwen – nieuw of oud – veranderen immers voortdurend. Daarnaast worden de ruimtes vaak ook gedeeld met andere organisaties zoals de kinderopvang. Een jaarlijkse inventarisatie en afstemming met de andere gebruikers kan dan noodzakelijk zijn.

terug naar boven Rol Inspectie SZW

De Inspectie SZW (voorheen Arbeidsinspectie) houdt toezicht en handhaaft de naleving van de arbowetgeving. De inspecteur controleert niet alleen de feitelijke arbeidsomstandigheden, maar ook of u een RI&E en plan van aanpak heeft. Uiteraard let hij er ook op of de RI&E door een gecertificeerde arbodeskundige is getoetst en of deze een advies heeft uitgebracht over het plan van aanpak. Tenslotte let de inspecteur erop of de praktijkomstandigheden op de werkvloer overeenkomen met de situatie zoals u die schetst in de RI&E en het plan van aanpak.

terug naar boven Tenslotte

De Inspectie SZW onderkent het probleem dat bijna de helft van de Nederlandse organisaties geen deugdelijke RI&E heeft. De Inspectie heeft de RI&E en het plan van aanpak dan ook als een kernbepaling voor arbozorg bestempeld in haar jaarplan.

De Inspectie SZW zet in op betere naleving van de wettelijke verplichting om een RI&E te hebben. Tijdens een inspectie controleert de inspecteur altijd of:

  • U een RI&E met plan van aanpak heeft.
  • De RI&E compleet is.
  • De RI&E is getoetst door een gecertificeerde arbodeskundige.

Laat wettelijke verplichtingen en mogelijke controles niet de enige drijfveer zijn om een RI&E uit te voeren. Het verhogen van de veiligheid op school en verminderen van psychosociale arbeidsbelasting bij het personeel zal leiden tot een prettigere werkomgeving. Dit heeft weer een gunstige invloed op de leerprestaties van leerlingen en het ziekteverzuim van het personeel.

 

 

Delen:
FacebookTwitterLinkedInEmail
Delen:
FacebookTwitterLinkedInEmail